Krachtens artikel 10, vijfde lid, van de verordening stelt het college de volgende regels over de plaats en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten worden aangeboden:
het aanbieden van minicontainers moet ordelijk geschieden op de daarvoor bestemde aanbiedplaatsen en/of met de voorkant naar de woning en de wielen en de handgreep in de richting van de weg, zodanig dat voetgangers en overig verkeer niet worden gehinderd of in de doorgang worden belemmerd en gevaar of schade wordt voorkomen en waarbij aanwijzingen van de inzameldienst dienen te worden opgevolgd;
inzamelmiddelen dienen goed gesloten te zijn en inzamelingvoorzieningen moeten na gebruik goed gesloten worden. Uit de inzamelmiddelen en de inzamelvoorzieningen mag geen huishoudelijk afval steken;
afvalstoffen welke ten onrechte of op een onjuiste wijze zijn aangeboden en welke na inzameling daardoor in de minicontainer zijn achtergebleven dienen onverwijld door de aanbieder uit de minicontainer te worden verwijderd;
het gewicht van de hoeveelheid afvalstoffen en het eigen gewicht van de ter lediging aangeboden minicontainer mag in zijn totaliteit niet meer zijn dan 60 kilogram.
Artikel 9.