Het is mogelijk dat een van de co-ouders niet de ALO-kop ontvangt van de Belastingdienst. Zie “Doelgroep” over de ALO-kop. Indien de ene co-ouder de ALO-kop ontvangt en de andere niet, moeten de co-ouders de verdeling van de ALO-kop in beginsel onderling regelen. In geval van zeer dringende redenen is het college wel gehouden de bijstand individueel hoger vast te stellen (zie “Individualisering en maximale verlaging / anticumulatie”).
De juridische grond voor het afwijkend berekenen van de bijstand ingeval van co-ouderschap is gelegen in de individualiseringsbepaling van artikel 18 lid 1 Participatiewet.
Artikel 5.7
Bijstand voor ALO-kop bij co-ouders
Onderdeel van Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hattem houdende regels omtrent Werk & Inkomen 2021