Naar hoofdinhoud
De berekening van de bijzondere bijstand verloopt als volgt: Bepaal de hoogte van de voor bijzondere bijstandsverlening in aanmerking komende kosten (zie Hoogte noodzakelijke kosten); Bepaal de draagkrachtperiode (zie Draagkrachtperiode); Bepaal het in aanmerking te nemen inkomen over de in stap 2 bepaalde draagkrachtperiode (zie paragraaf B7.2 onderdeel 2.3); Bepaal het in aanmerking te nemen vermogen over de in stap 2 bepaalde draagkrachtperiode (zie paragraaf B7.2 onderdeel 2.3); Bereken op grond van stap 3 en het (de) geldende draagkrachtpercentage(s) de draagkracht uit inkomen voor de draagkrachtperiode (zie Draagkracht); Bereken op grond van stap 4 en het (de) geldende draagkrachtpercentage(s) de draagkracht uit vermogen voor de draagkrachtperiode (zie Draagkracht); Bereken de totale draagkracht, te weten de som van stap 5 en 6; Bereken het verschil tussen stap 1 en 7. Indien een negatief bedrag resteert, wordt deze rest in mindering gebracht op de voor bijstand in aanmerking komende kosten van de volgende aanvraag in dezelfde draagkrachtperiode, totdat een positief bedrag resteert. Resteert er een positief bedrag, dan wordt dit uitgekeerd als bijzondere bijstand. Indien de aard van de kosten daartoe aanleiding geeft wordt de bijstand gespreid over de draagkrachtperiode betaald (periodieke bijzondere bijstand). De voor bijstand in aanmerking komende kosten van de volgende aanvraag in dezelfde draagkrachtperiode komen dan in hun geheel voor bijstandsverlening in aanmerking.

Rechtspraak bij dit artikel