Naar hoofdinhoud
De realisatie van zonne- en windparken heeft ruimtelijke en milieuhygiënische consequenties. Inpassing van dergelijke parken vraagt een goede afweging. Om die reden zijn voor zowel zonneparken als voor windparken ruimtelijke criteria opgesteld. 4.5.1 Algemeen De inpassing van zonne- en windparken langs de A15/Betuweroute zien wij als kansrijk om-dat deze infrastructuur zelf vaak al als ‘een inbreuk op het landschap’ wordt gezien. Er wonen en recreëren relatief weinig mensen rondom de A15/Betuweroute, waardoor er voor dergelijke locaties vaak meer draagvlak is. Ook sluit de technische uitstraling van zonne- en windparken aan op het technische karakter van de weg. Om deze reden vinden we dat energieparken sowieso binnen een zone van 600 meter uit het midden van de Betuweroute moeten worden gerealiseerd. Daarnaast streven we naar parken met een combinatie van zon en wind. Immers als het hard waait, schijnt de zon meestal niet. En als er veel zonkracht is, gaat de wind vaak liggen. Op deze manier worden pieken en dalen in de productie opgevangen en wordt optimaal ge-bruikgemaakt van de bestaande netinfrastruc-tuur (‘cable pooling’) en de momenteel schaar-se netwerkcapaciteit. Tot slot moeten we rekening houden met de beschikbare netwerkcapaciteit en de afstand tot de bestaande onderstations. Beide onder-delen zijn van belang voor de haalbaarheid van energieparken. 4.5.2 Windparken Bij de ruimtelijke beoordeling en afweging van deze optie gelden de volgende overwegingen: Windparken zijn in principe toegestaan binnen de zoekgebieden zoals aangegeven op de kaart ‘zoekgebieden zon- en wind-energie’. 4.5.3 Zonneparken Bij de ruimtelijke beoordeling en afweging van deze optie gelden de volgende overwegingen: Zonneparken op land zijn uitsluitend toegestaan bij de bestaande of toekomstig te plaatsen windturbine projecten zoals aangegeven op de kaart ‘zoekgebieden zon- en windenergie’. Solitaire zonneparken op land worden uitgesloten. Bij zonneparken op land dient sprake te zijn van dubbelgebruik van de grond. Daarbij kan gedacht worden aan bijvoorbeeld gewasbescherming voor de teelt van zacht fruit, een combinatie met bestaande kunstwerken zoals geluidschermen en/of een beeldende vorm van het park met recreatieve en toeristische meerwaarde. De oppervlakte van zonneparken op land dient te passen binnen de schaal van het landschap. Tevens dient sprake te zijn van een goede landschappelijke inpassing. Zon op water is in principe overal toegestaan, met dien verstande dat: ten hoogste 50% van de wateroppervlakte mag worden bedekt met zonnepanelen; de panelen zo plat mogelijk op het water liggen; ecologische meerwaarde wordt gerealiseerd. Figuur 1: zoekgebieden zon- en windenergie op land

Rechtspraak bij dit artikel