**1..** Uitzicht op inkomensverbetering, als bedoeld in artikel 36 van de wet, wordt aanwezig geacht indien aannemelijk is dat de belanghebbende binnen 12 maanden inkomsten gaat ontvangen die hoger zijn dan de toepasselijke bijstandsnorm. Is daarvan pas na 12 maanden sprake, dan wordt dit uitzicht op inkomensverbetering (voor de komende 12 maanden) niet aanwezig geacht.
**2..** Uitzicht op inkomensverbetering wordt ook aanwezig geacht bij de belanghebbende die een opleiding volgt als bedoeld in de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (Wtos), dan wel een studie genoemd in de Wet Studiefinanciering (WSF 2000) volgt of die in de 12 maanden voorafgaand aan de peildatum heeft gevolgd.
**3..** Een belanghebbende die inkomsten uit arbeid ontvangt onder de inkomensgrens voor de individuele inkomenstoeslag en bewust kiest voor een deeltijdbaan, maar wel potentieel heeft om zijn inkomen te verbeteren, wordt ook geacht zicht op inkomensverbetering te hebben.
Hoofdstuk 4
Artikel 16.
Aanwezigheid van uitzicht op inkomensverbetering
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2021 Bommelerwaard