Naar hoofdinhoud
Het tijdig signaleren van (problematisch) alcoholgebruik is belangrijk om jongeren en ouders de juiste ondersteuning en advies te kunnen geven. Mensen in de omgeving van een jongere spelen een rol bij de signalering, te denken valt aan ouders en leerkrachten. Maar ook andere partijen vervullen hierin een rol. GGD Zuid-Limburg Vroegsignalering vindt onder andere plaats via de periodieke gezondheidsonderzoeken van de GGD. Alle jongeren van 13 jaar worden uitgenodigd voor een gesprek met de jeugdverpleegkundige. Alcoholgebruik is daarin een onderwerp van gesprek. De jeugdarts van de GGD Zuid-Limburg is aanwezig bij de zorgknooppunten gesprekken op de VO-scholen. Als leraren/mentoren zorgen hebben over (het alcoholgebruik van) leerlingen, kan dit in deze overleggen worden besproken. Politie, BOA’s en Halt Vroegsignalering gebeurt ook door de politie en de buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s), in samenwerking met Halt, op straat. Jongeren die op straat met alcohol of beschonken worden aangetroffen en nog geen 18 jaar zijn, worden door de politie naar Halt verwezen. Er kan sprake zijn van een delict onder invloed of simpelweg dat jongeren in het bezit zijn van alcohol. In parken en op hangplekken is de politie extra alert. Ook op uitgaansavonden rondom populaire jongerencafés en in samenspraak met de portiers kunnen beschonken jongeren die overlast veroorzaken via de politie naar Halt worden verwezen. Halt geeft de jongeren opdrachten, die samen met het Trimbos zijn ontwikkeld. Daarnaast gaat Mondriaan in gesprek met de horecahouder om te bekijken welke stappen de ondernemer kan doen. Eventueel een barsmart of IVA naast deurbeleid. Halt is een pedagogische interventie waarbij zij de jongeren laten reflecteren op hun eigen gedrag, praten over groepsdruk en de jongeren handelingsalternatieven aanbieden. Halt heeft dan gesprekken met deze jongeren. Verder heeft Halt ook een signalerende functie. Wanneer zij merken dat de interventie niet voldoende is, kan een doorverwijzing naar Mondriaan worden gegeven. Ook als blijkt dat er volgens Halt zorgen zijn over het gebruik van alcohol (of drugs) worden de jongeren en de ouders naar Mondriaan verwezen voor een gesprek. Dat zijn gesprekken waarbij nadrukkelijk wordt gesproken over de klachten die bij de jongere speelden en in hoeverre groepsdruk aanwezig was. Vervolgens wordt de jongere handvatten geboden om ‘nee’ te zeggen. Met ouders wordt gekeken naar de opvoedsituatie en wordt er samen met hen gezocht naar opvoedhandvatten die werken om in het vervolg vooral overmatig gebruik te kunnen voorkomen. Mondriaan / ziekenhuizen Een van de geïmplementeerde interventies van de Think Before You Drink campagne is dat er een protocol is ingevoerd in ziekenhuizen. Kinderartsen verwijzen jongeren onder de 18, die binnenkomen met een alcoholintoxicatie, door voor een nazorg gesprek met een preventiewerker. Daarbij vraagt de kinderarts aan de ouders of hij/zij de gegevens van de ouders mag versturen naar Mondriaan. Mondriaan roept ouders dan automatisch op om samen met het betreffende kind een face-to-face gesprek te hebben met een preventiewerker. Tijdens dat gesprek wordt onderzocht of er zorgen zijn en biedt Mondriaan opvoedondersteuning voor de ouders. Dit gebeurt bij het MUMC+. Zuyderland heeft een eigen alcoholpoli met nazorg. Op kwetsbare momenten voorziet Mondriaan gemeenten van communicatie materialen om in hun nieuwsbrieven op te nemen. Te denken valt bijvoorbeeld aan Carnaval, zomervakantie en Oud- en Nieuw. Vroegsignalering binnen het onderwijs kan door Mondriaan worden ondersteund. Mondriaan biedt ondersteuning voor mentoren, zorgcoördinatoren en schoolmaatschappelijkwerkers en vraaggerichte oplossingen voor beleid en regelgeving op scholen. Sociale buurtteams/jeugdhulpteams Vanuit de WMO en Jeugdwet liggen er taken bij de gemeenten op het gebied van maatschappelijke ondersteuning van volwassenen en hulp aan jeugdigen. Ook bij meldingen die bij deze teams binnenkomen, kan overmatig alcoholgebruik een rol spelen. Signalering van deze kant en doorverwijzing naar Mondriaan vindt plaats. Moti-4 kan hierbij als programma worden ingezet. Moti-4 richt zich op jongeren van 14-24 jaar die beginnend problematisch bezig zijn met middelengebruik, gokken of gamen of al verslaafd zijn. In vier individuele gesprekken van één uur met een medewerker van de verslavingspreventie wordt getracht het problematische gedrag terug te dringen.

Rechtspraak bij dit artikel