Bij het indelen van leidingen in de nabijheid van bomen moet rekening worden gehouden met diverse gemeentelijke beleidsdocumenten gericht op de realisatie van meer bomen en het waarborgen van de vitaliteit van bestaande bomen.
Uitgangspunt is dat geen bomen worden gekapt, maar gepasseerd worden door middel van een boring of persing. Wanneer het echt noodzakelijk is een boom te kappen moeten afspraken hierover worden gemaakt met de vergunningverlener. Voor de minimale afstand tussen boom en leiding, is de uiteindelijk te bereiken boomgrootte bepalend. Er mogen geen graafwerkzaamheden plaatsvinden binnen kwetsbare boomzones, tenzij er afspraken hierover zijn gemaakt met de toezichthouder. Voor werkzaamheden bij bomen verwijzen wij naar de voorschriften uit het Handboek Bomen, Hoofdstuk 2, paragraaf 2.46 t/m 2.51 (blz. 51 t/m 54).
Dit document is (digitaal) op te vragen bij de toezichthouder.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.3
Artikel 4.3.2
Bomen
Onderdeel van Handboek kabels en leidingen 2021 gemeente Molenlanden