Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.2

Subsidiabele activiteiten

Onderdeel van Ondersteuningsregeling sportinfrastructuur

1.. Het college kan aan de vereniging een renteloze geldlening verstrekken voor de aanleg van een kunststof sportveld met een maximum van: € 350.000,- voor investeringen in een standaardvoorziening (eerste aanleg); € 175.000,- voor vervanging van de toplaag, 12 jaar na eerste aanleg; maar maximaal tot het bedrag van de noodzakelijke investering. 2.. In bijzondere gevallen kunnen ook andere vormen van buitensport die gebruik maken van kunststof sportvelden voor een lening in aanmerking komen. 3.. Wanneer een vereniging besluit een kunststof sportveld weer in te wisselen voor een natuurgrassportveld kan eveneens een beroep worden gedaan op een renteloze geldlening, dit tot een maximum van € 350.000,-. 4.. De vereniging is naar het oordeel van het college financieel gezond en wordt in staat geacht aan haar leningsverplichtingen te voldoen. 5.. Een lening wordt verstrekt onder de opschortende voorwaarde dat voor de uitvoering van het subsidieverleningsbesluit een overeenkomst (overeenkomst van geldlening) als bedoeld in artikel 4:36, eerste lid, van de Awb tot stand komt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel