Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10 › Paragraaf

Artikel 10.10

Verbod afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur te stoken

Onderdeel van Verordening kwaliteit leefomgeving gemeente Enschede

1.. Het is verboden afvalstoffen te verbranden buiten een inrichting in de zin van artikel 10.2 van de Wet milieubeheer [ en na inwerkingtreding ervan: de Omgevingswet en daarop gebaseerde besluiten ] of anderszins in de openlucht vuur aan te leggen, te stoken, in stand te houden of te hebben. 2.. Het verbod als bedoeld in lid 1 geldt niet indien sprake is van: verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke; sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven (indien geen afvalstoffen worden verbrand); vuur voor koken, bakken en braden en geen gevaar, overlast of hinder wordt veroorzaakt voor de omgeving. 3. . Het verbod als bedoeld in lid 1 geldt niet indien wordt voldaan aan de door het college vastgestelde Nadere regels als bedoeld in lid 4. 4. . Het college kan in het belang van de bescherming van de openbare orde en veiligheid, de bescherming van de volksgezondheid of de bescherming van flora & fauna nadere regels vaststellen voor het verbranden van afvalstoffen buiten een inrichting in de zin van artikel 10.2 van de Wet milieubeheer [ en na inwerkingtreding ervan de Omgevingswet en daarop gebaseerde besluiten] of anderszins vuur aanleggen of stoken. 5. . Het college kan in afwijking van het verbod in het eerste lid en van de nadere regels als bedoeld in het vierde lid vergunning verlenen. 6. . Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.1.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. 7. . Het verbod geldt niet voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, van het Wetboek van Strafrecht of de Provinciale milieuverordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel