Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10 › Paragraaf

Artikel 10.28

Overgangsrecht

Onderdeel van Verordening kwaliteit leefomgeving gemeente Enschede

1.. Vergunningen en ontheffingen welke zijn verleend op grond van bepalingen overeenkomstig de ingetrokken Afvalstoffenverordening 2017 blijven - indien en voor zover het gebod of het verbod waarop de vergunning betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening – van kracht totdat deze zijn vervallen of ingetrokken. 2.. Voorschriften en beperkingen opgelegd op grond van bepalingen overeenkomstig de ingetrokken Afvalstoffenverordening 2017 blijven - indien en voor zover de bepalingen ingevolge die voorschriften en beperkingen zijn opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening – van kracht totdat deze zijn vervallen of ingetrokken. 3.. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning op grond van de Afvalstoffenverordening 2017 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop de overeenkomstige bepaling van de onderhavige verordening toegepast. 4.. Vergunningen en ontheffingen bedoeld in het eerste lid, en voorschriften en beperkingen bedoeld in het tweede lid, worden geacht vergunningen, ontheffingen, voorschriften en beperkingen in de zin van deze verordening te zijn. 5.. In afwijking op het eerste lid, blijft een vergunning of ontheffing van kracht, totdat onherroepelijk is beslist op een aanvraag voor een, krachtens een in deze verordening overeenkomstig opgenomen gebod of verbod vereiste vergunning of ontheffing, indien deze aanvraag ten minste acht weken voor afloop van de in het eerste lid genoemde termijn bij het bevoegde bestuursorgaan is ingediend.

Rechtspraak bij dit artikel