Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf

Artikel 6.12

Verontreiniging door honden

Onderdeel van Verordening kwaliteit leefomgeving gemeente Enschede

1.. De eigenaar of houder van een hond is verplicht ervoor te zorgen dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet binnen de bebouwde kom op een openbare plaats. 2.. De strafbaarheid wegens overtreding van het in het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven: indien de eigenaar of houder van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd; op plaatsen die door het college aangewezen zijn als honden uitlaatplekken (hups); in gebieden die krachtens artikel 2:57 lid 2, door het college zijn aangewezen als losloopgebieden. 3.. De eigenaar of houder van een hond is verplicht op eerste vordering van een ambtenaar, belast met de zorg voor de naleving van het in dit artikel bepaalde, aan te tonen dat hij bij het uitlaten van die hond een deugdelijk hulpmiddel bij zich heeft, dat gezien de vorm en constructie als zodanig geschikt is voor het verwijderen van uitwerpselen. 4.. De verplichtingen genoemd in het eerste en het derde lid gelden niet voor zover de eigenaar of houder van een hond zich vanwege zijn handicap door een blindengeleide- of hulp hond laat begeleiden en de hond daarvoor aantoonbaar gekwalificeerd is of indien een eigenaar of houder van een hond deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot blindengeleide- of hulp hond.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel