Geen uitzicht op inkomensverbetering heeft:
de belanghebbende waar van het college heeft vastgesteld dat gelet op de individuele omstandigheden op de peildatum sprake is van volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid;
de belanghebbende waar voor minimaal drie maanden vanaf aanvraagdatum is vastgesteld dat vrijwilligerswerk, dan wel daarmee gelijkgestelde onbetaalde, niet-reguliere arbeid het maximaal haalbare is;
de belanghebbende die niet valt onder één van de categorieën genoemd onder a en b, maar waarvan het college op grond van de eigen bevindingen tot het oordeel komt dat er vanwege andere factoren geen uitzicht op inkomensverbetering is.
Artikel 2