Naar hoofdinhoud
1.. Een aanvraag tot verlenging van de in artikel 8, achtste en negende lid genoemde termijnen vindt schriftelijk plaats. 2.. Verlenging van de in artikel 8, zesde en zevende lid genoemde termijnen vindt plaats onder voorwaarde: dat er naar verwachting nog sprake is van een levensvatbaar bedrijf (artikel 1 sub c Bbz 2004), tenzij het een beëindigende zelfstandige betreft (artikel 2, eerste lid onder d Bbz 2004); en als belanghebbende nog aan alle wettelijke criteria voldoet om als zelfstandig ondernemer aangemerkt te kunnen worden; en de bedrijfsactiviteiten rechtmatig kunnen worden uitgevoerd. 3.. De duur van de verlenging bedraagt voor: een starter ten hoogste 36 maanden onder aftrek van de periode waarover al bijstand is verstrekt; een gevestigde zelfstandige ten hoogste 12 maanden onder aftrek van de periode waarover al bijstand is verstrekt; 4.. De periode genoemd in voorgaand lid onder b kan met maximaal 24 maanden worden verlengd indien de oorzaak van de behoefte aan bijstand is gelegen in externe omstandigheden van tijdelijke aard.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel