Naar hoofdinhoud
3.1. Nieuwe initiatieven dienen te voldoen aan het criterium van een goede ruimtelijke ordening, waarbij een goede landschappelijke inpassing is vereist. Bij de aanvraag moet worden voorzien in een inpassingsplan. 3.2. Er wordt naar gestreefd om de realisatie van camperplaatsen te laten plaatsvinden als nevenactiviteit waarbij maximaal 10 camperplaatsen per locatie worden toegestaan. In dat geval is geen regionale afstemming nodig. 3.3. Indien meer dan 10 camperplaatsen op een locatie worden aangevraagd, dan is regionale afstemming vereist. Bij de aanvraag dient in dat geval te worden voorzien in een business case. 3.4. Het gebruik van camperplaatsen is enkel toegelaten voor recreatieve doeleinden. Het gebruik van de camperplaatsen voor andere doeleinden, waaronder (niet limitatief bedoeld) de huisvesting van arbeidsmigranten, is ter plaatse verboden. 3.5. Anticiperend op de Omgevingswet stemmen aanvragers de voorgenomen ontwikkeling zelfstandig af met de eigen omgeving middels een omgevingsdialoog. Het verslag van de omgevingsdialoog maakt deel uit van de aanvraag.

Rechtspraak bij dit artikel