Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 14.

Voorwaarden budgethouderschap

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Renkum 2021

In overeenstemming met artikel 8.1.1, lid 2, sub a van de wet, beoordeelt het college of de jeugdige in staat is om de aan een pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. De budgethouder beschikt, al dan niet met ondersteuning, over de volgende vaardigheden: de budgethouder overziet de situatie en heeft een duidelijk beeld van de zorgvraag; de budgethouder is op de hoogte van de regels en verplichtingen die horen bij het pgb, of weet die zelf te vinden; de budgethouder is in staat om een overzichtelijke pgb-administratie bij te houden, waardoor hij/zij inzicht heeft in de bestedingen van het pgb; de budgethouder is voldoende vaardig om te communiceren met de gemeente, de SVB en hulpverleners; de budgethouder is in staat om zelfstandig te handelen en onafhankelijk een hulpverlener te kiezen; de budgethouder is in staat om afspraken te maken en vast te leggen om dit te verantwoorden aan het college als verstrekker van het pgb; de budgethouder kan beoordelen en beargumenteren of de te leveren zorg passend en kwalitatief goed is; de budgethouder kan de inzet van hulpverleners coördineren, waardoor de zorg door kan gaan, ook bij verlof en ziekte; de budgethouder is in staat om als werk- of opdrachtgever de hulpverleners aan te sturen en aan te spreken op hun functioneren; de budgethouder heeft voldoende juridische kennis over het werk- of opdrachtgeverschap, of weet deze kennis te vinden. Het college kan nadere regels stellen ter uitvoering van het bepaalde in dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel