De beschikbare middelen die hoger zijn dan de in artikel 34 lid 2 van de wet genoemde bedragen, worden volledig als eigen draagkracht beschouwd om de noodzakelijke kosten te bestrijden. De kosten van roerende goederen blijven voor de toepassing van deze regeling buiten beschouwing tenzij dit – gelet op de doelstelling van de wet – onredelijk is.