**1..** Indien uit eigen onderzoek en een eventueel daarop afgegeven advies van LBB blijkt dat er sprake is van een ernstige mate van gevaar gaat het bestuursorgaan over tot:
het nemen van een negatief besluit op de aanvraag om een beschikking, of;
het nemen van een beslissing af te zien van het aangaan van een vastgoedtransactie met de betreffende betrokkene, of;
in het geval van een verleende beschikking, het intrekken van die beschikking.
In het geval van een tot stand gekomen overeenkomst na een vastgoedtransactie, het ontbinden van die overeenkomst.
**2..** Voordat een (negatief) besluit wordt genomen als bedoeld in het eerste lid moet het bestuursorgaan zich, op grond van artikel 3:9 van de Algemene wet bestuursrecht, ervan vergewissen dat het onderzoek van het LBB op zorgvuldige wijze heeft plaatsgevonden.
**3..** Voor zover blijkt dat geen sprake is van ernstig gevaar kan het bestuursorgaan bij mindere mate van gevaar aan de beschikking voorschriften verbinden. Deze voorschriften zijn gericht op het wegnemen of beperken van dergelijk gevaar.
**4..** Indien het bestuursorgaan overgaat tot het toepassen van het gestelde in het eerste of derde lid van dit artikel, neemt het artikel 33 van de Wet Bibob in acht.
**5..** Het bestuursorgaan dat een advies van het LBB als bedoeld in de Wet Bibob ontvangt, kan dit advies gedurende vijf jaren gebruiken in verband met een andere beslissing.
Hoofdstuk 5.
Artikel 19.
Resultaat
Onderdeel van Beleidsregel Wet Bibob (Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) 2021 voor de gemeente Uitgeest