**1..** Ieder lid van de raad kan bij de vaststelling van de agenda verzoeken om een motie over een niet geagendeerd onderwerp (ook wel ‘motie vreemd aan de orde van de dag’) ter vergadering te behandelen.
**2..** Een dergelijke motie moet in principe uiterlijk om 12.00 uur op de dag voorafgaand aan de raadsvergadering schriftelijk bij de voorzitter zijn ingediend. Alleen beraadslaagd kan worden over moties die ingediend zijn door leden van de raad, die de presentielijst getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn.
**3..** Bij de vaststelling van de agenda wordt het verzoek tot behandeling van de motie in stemming gebracht. Voor moties van wantrouwen, afkeuring, treurnis of varianten daarop gelden de gestelde termijn en het in stemming brengen (van het verzoek tot behandeling) niet. Deze moties kunnen altijd bij de vaststelling van de agenda worden ingediend, waarna lid 4 hieronder van toepassing is.
**4..** Behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende onderwerpen zijn behandeld, tenzij de raad anders beslist.
**5..** De beraadslaging over een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist.
**6..** Intrekking, door de indiener(s), van de motie is mogelijk totdat de besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden.
Hoofdstuk 3.
Artikel 36a.