**1..** Een lid van de raad kan het college schriftelijke vragen stellen.
**2..** De vragen worden kort en duidelijk geformuleerd en bij de griffier ingediend; een toelichting van de vragen is mogelijk.
**3..** Het college beantwoordt zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk dertig dagen na ontvangst, de ingediende vragen middels een raadsbrief.
**4..** De termijn, bedoeld in het derde lid, wordt gesteld op zes weken indien de termijn voor dertig dagen afloopt binnen de voor de regio officieel vastgestelde zomervakantie voor het voortgezet onderwijs.
**5..** Indien het college niet in staat is de vragen binnen de gestelde termijnen te beantwoorden, laten zij dit zo spoedig mogelijk aan de raadsleden weten onder opgave van reden.
**6..** De griffier stuurt de raadsbrief zo spoedig mogelijk door de vragensteller en brengt de vragen en beantwoording van het college vervolgens ter kennis van de overige leden van de raad door publicatie bij de lijst ingekomen stukken van de eerstvolgende agendacommissie.
**7..** De indiener kan het college verzoeken de schriftelijke vragen tijdens de eerstvolgende raadsvergadering mondeling te beantwoorden; na beantwoording is geen beraadslaging over de beantwoording mogelijk.
**8..** Een verzoek om mondelinge beantwoording van schriftelijke vragen is niet mogelijk wanneer het college minder dan vijf werkdagen eerder kennis heeft genomen van de vragen.
**9..** Beraadslaging over de beantwoording van schriftelijke vragen is mogelijk wanneer een lid een verzoek hiertoe aan de agendacommissie heeft gericht en deze het verzoek positief beoordeeld.
Hoofdstuk 6
Artikel 47
Schriftelijke vragen
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad Montferland 2021