Voor de toepassing van deze verordening zijn de begripsbepalingen uit de Jeugdwet van toepassing. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
Andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Jeugdwet, op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning of werk en inkomen;
Aangewezen jeugdprofessional: de jeugdprofessional werkzaam bij Centrum voor Jeugd en Gezin te Breda en/of jeugdprofessional bij de huisarts;
Avg: Algemene verordening gegevensbescherming;
Awb: algemene wet bestuursrecht;
Budget- motivatieplan: door jeugdige en/of diens ouders opgesteld plan waarin is opgenomen hoe het persoonsgebonden budget wordt besteed.
Eigen kracht: de mogelijkheden en probleemoplossend vermogen van ouders om zelf, of met behulp van hun sociaal netwerk, tegemoet te komen aan de behoefte aan jeugdhulp van de jeugdige.
Formele hulp: hulp die wordt geleverd door een zorgaanbieder die:
als zorg verlenende organisatie staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel conform de vereisten van de Handelsregisterwet 2007 en niet behoort tot het sociaal netwerk van de aanvrager, en die beschikt over relevante diploma’s die nodig zijn voor de uitoefening van de betreffende taken of;
staat ingeschreven in het register bedoeld in artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg BIG en niet behoort tot het sociaal netwerk van de aanvrager, en die beschikt over relevante diploma’s die nodig zijn voor de uitoefening van de betreffende taken;
een zelfstandige zonder personeel (zzp’er) is, die beschikt over een modelovereenkomst waarin de arbeidsrelatie is vastgelegd en niet behoort tot het sociaal netwerk van de aanvrager, en die beschikt over relevante diploma’s die nodig zijn voor de uitoefening van de betreffende taken.
Hulpvraag: behoefte van een jeugdige of zijn ouders aan jeugdhulp in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen, als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de wet;
Individuele voorziening: een op de jeugdige of diens ouders(s) toegesneden individuele voorziening als bedoeld in artikel 2.9 sub a van de wet. Toegang tot deze voorziening wordt verkregen via een verwijzing of beschikking.
Informele hulp: hulp die wordt geleverd door een natuurlijk persoon, niet zijnde formele hulp.
Ondersteuningsplan: plan waarbij de verschillende leefgebieden van de jeugdige en het gezin worden beschreven. Het ondersteuningsplan bestaat uit een integrale (vraag)analyse en een beschrijving van de gewenste resultaten.
Overige voorziening: overige voorziening als bedoeld in hoofdstuk 2 van de wet. Hieronder vallen alle voorzieningen waarvoor geen beschikking of (door-)verwijzing nodig is. Hieronder vallen ook alle preventieve voorzieningen.
Sociaal netwerk: de personen in de sociale omgeving van het gezin van de jeugdige die zo nodig kunnen worden ingeschakeld voor het verlenen van informele hulp, en het gezin kunnen ondersteunen bij het vinden van en sturen op, passende zorg. Hiertoe worden personen gerekend uit de huiselijke kring en andere personen met wie de jeugdige of zijn ouders een sociale relatie onderhoudt, waaronder familieleden die niet in hetzelfde huis wonen, buren, vrienden en kennissen.
Melding: melding van een hulpvraag als bedoeld in artikel 3.2;
Onderzoek: onderzoek als bedoeld in artikel 3.4;
Pgb: Persoonsgebonden budget zoals bedoeld in artikel 8.1.1 van de wet, zijnde een door het college verstrekt budget aan een jeugdige of zijn ouders, dat hen in staat stelt de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort van derden te betrekken;
Veiligheidsrisico: een risico waarbij het kind niet structureel kan rekenen op een volwassene die voorziet in zijn basale fysieke en emotionele behoefte, die hem beschermt tegen gevaar en die daarin continuïteit en voorspelbaarheid biedt.
Wlz: wet langdurige zorg
wet: Jeugdwet.