Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Huurprijsgrenzen

Onderdeel van Doelgroepenverordening sociale huur en middenhuur Enschede 2021

1.. De aanvangshuurprijs voor middeldure huurwoningen bedraagt tenminste het bedrag bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a., van de Wet op de huurtoeslag en ten hoogste € 950,- (prijspeil 2019) voor appartementen en ten hoogste € 1150,- (prijspeil 2019) voor grondgebonden woningen. 2.. De huurprijzen voor sociale huurwoningen bedragen maximaal de bedragen bedoeld in artikel 20, eerste en tweede lid van de Wet op de huurtoeslag. Daarbij worden de volgende categorieën onderscheiden: categorie I: de aanvangshuurprijs bedraagt maximaal het bedrag bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de Wet op de huurtoeslag (kwaliteitskortingsgrens); categorie II: de aanvangshuurprijs bedraagt maximaal het bedrag bedoeld in artikel 20, tweede lid, onder a van de Wet op de huurtoeslag (aftoppingsgrens laag); categorie III: de aanvangshuurprijs bedraagt maximaal het bedrag bedoeld in artikel 20, tweede lid, onder b van de Wet op de huurtoeslag (aftoppingsgrens hoog), 3.. In afwijking van het bepaalde in lid 2, onder c, is een hogere aanvangshuurprijs mogelijk tot maximaal het bedrag bedoeld in artikel 27van de Wet op de huurtoeslag (liberalisatiegrens). 4.. De in het eerste lid bedoelde maximale aanvangshuur wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de consumentenprijsindex van het Centraal Bureau voor de Statistiek. 5.. De in lid 2 bedoelde maximale huurprijzen worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig het bepaalde in artikel 27, eerste lid, van de Wet op de huurtoeslag. 6.. De hoogte van de huurprijs van middeldure huurwoningen dient gerekend vanaf de datum van eerste verhuur gedurende de instandhoudingstermijn zoals genoemd in artikel 4, met toepassing van het tweede en derde lid te blijven vallen binnen de in het eerste lid genoemde bandbreedte. 7.. De hoogte van de huurprijzen van sociale huurwoningen dient gerekend vanaf de datum van eerste verhuur gedurende de instandhoudingstermijn zoals genoemd in artikel 5, onder het bedrag, genoemd in artikel 13, eerste lid onder a, van de Wet op de huurtoeslag te blijven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel