1. Iedere belanghebbende kan, binnen een week na de bekendmaking daarvan, bij de ondernemingsraad bezwaar maken tegen een besluit van de ondernemingsraad met betrekking tot:
a. de bepaling van de datum van de verkiezing en de tijdstippen van aanvang en einde van de stemming, zoals geregeld in artikel 6, lid 1;
b. de opstelling van de lijst van kiesgerechtigde en verkiesbare personen, zoals geregeld in artikel 7, lid 1;
c. de geldigheid van een kandidatenlijst, zoals geregeld in artikel 8;
d. de vaststelling van de uitslag van de verkiezing, zoals geregeld in artikel 13, lid 2;
e. de voorziening in een tussentijdse vacature, zoals geregeld in artikel 15.
2. De ondernemingsraad beslist zo spoedig mogelijk op het bezwaar en treft daarbij de voorzieningen die nodig zijn.