Vergunningen en ontheffingen -hoe ook genaamd- verleend krachtens de Afvalstoffenverordening gemeente Haarlemmermeer 2006, vastgesteld bij eerdere raadsbesluiten, blijven -indien en voor zover het gebod of verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking heeft, ook vervat is in deze verordening -van kracht tot de termijn waarvoor zij werden verleend, is verstreken of totdat zij worden ingetrokken.
2Vergunningen en ontheffingen, bedoeld in het eerste lid, worden geacht vergunningen en ontheffingen in de zin van deze verordening te zijn.
Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van de verordening bedoeld in het eerste lid, is ingediend en vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvragen is beslist, wordt daarop niettemin de verordening bedoeld in het eerste lid toegepast, tenzij de aanvrager de wens te kennen geeft dat daarop de bepalingen van deze verordening worden toegepast.
Op een aanhangig bezwaar- of beroepschrift, betreffende een vergunning of ontheffing bedoeld in het eerste lid, dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 25, is ingekomen binnen de voordien geldende bezwaar- en beroeps- termijn, wordt beslist met toepassing van de verordening bedoeld in het eerste lid.
De vergunning of ontheffing bedoeld in het eerste lid blijft, ongeacht het gestelde in het eerste lid, van kracht totdat onherroepelijk is beslist op een bezwaar- of beroepschrift, bedoeld in het vierde lid.
De intrekking van de verordening bedoeld in artikel 22 heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken.