Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel.
In ieder geval de volgende bestanddelen huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld:
**•.** groente-, fruit-, tuinafval en etensresten;
**•.** (grof) huishoudelijk restafval;
**•.** plastic verpakkingen, blik en drinkpakken;
**•.** papier en karton;
**•.** verpakkingsglas;
**•.** textiel;
**•.** klein chemisch afval en andere gevaarlijke stoffen;
**•.** elektrische en elektronische apparaten;
**•.** bouwafval, sloopafval, gips, puin;
**•.** grof tuinafval;
**•.** hout (A, B en C);
**•.** - asbest en asbesthoudend afval;
- banden;
**•.** dakafval;
**•.** geëxpandeerd polystyreenschuim;
**•.** harde kunststoffen;
**•.** metalen;
**•.** matrassen;
**•.** vlakglas;
**•.** grond;
**•.** brandblussers en drukhouders;
**•.** frituurvet en bakolie.
In het belang van een doelmatig afvalstoffenbeheer kunnen burgemeester en wethouders de aanwijzing van afzonderlijk in te zamelen bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in het tweede lid, of fracties daarvan, achterwege laten.