1. Het college kan op aanvraag een tegemoetkoming in de vorm van een incidentele subsidie verstrekken aan een organisatie die ten minste 50 % aan omzetverlies heeft geleden als gevolg van de maatregelen ter bestrijding van de verdere verspreiding van COVID-19.
2. Geen steun wordt verleend aan een organisatie die:
- in surseance van betaling is of in staat van faillissement verkeert dan wel naar het oordeel van het college vrijwel zeker in een van deze situaties terecht zal komen; of
- in 2020 tegemoetkoming vanuit Rijksmiddelen via de gemeente heeft ontvangen.
3. Het college kan de aanvraag verder afwijzen als de organisatie in de periode voorafgaand aan de Corona-periode al ernstige financiële moeilijkheden had. Het college kijkt daarbij naar de periode van 12 maanden voorafgaand aan de Corona-periode.
4. Een organisatie komt slechts eenmaal in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van onderhavige beleidsregel.
5. Het college kan nadere voorwaarden verbinden aan het verstrekken van een tegemoetkoming op grond van deze regeling.