Naar hoofdinhoud
1.. Alleen geldmiddelen waarover de aanvrager en eventuele partner beschikt of redelijkerwijs kan beschikken worden in aanmerking genomen. 2.. Alleen geldmiddelen uit het privévermogen van een ondernemer worden in aanmerking genomen. 3.. Het betreft de beschikbare geldmiddelen van de aanvrager en de partner van de aanvrager. 4.. Onder beschikbare geldmiddelen wordt verstaan: contant geld; geld op betaal- en spaarrekeningen; cryptovaluta; de waarde van effecten. 5.. Geldmiddelen tot een bedrag van € 6.295 voor een alleenstaande en € 12.590 voor een alleenstaande ouder of gehuwden worden niet in aanmerking genomen.

Rechtspraak bij dit artikel