Naar hoofdinhoud
1.. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: aanvrager: de persoon die de aanvraag indient en diens eventuele partner conform artikel 3 van de wet; college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Castricum; eigen woning: door een aanvrager bewoonde zelfstandige woning, woonschip of woonwagen, waarvan deze eigenaar of mede-eigenaar is; huurwoning: door een aanvrager bewoonde zelfstandige woning of woonwagen met een huur boven de huurtoeslaggrens of woonboot, waarvan deze huurder is en beschikt over een (commerciële) huurovereenkomst; inkomen: het netto maandinkomen exclusief vakantietoeslag van de aanvrager/ontvanger van de TONK en diens eventuele partner; inkomensterugval: een onvoorzienbare, onvermijdelijke en substantiële daling van het inkomen als gevolg van de coronacrisis; inwoner: degene die als ingezetene in de basisregistratie personen in de gemeente is ingeschreven; voorliggende voorziening: een voorziening zoals bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de wet; wet: de Participatiewet. 2.. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel