Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6: › Paragraaf 6.4

Artikel 6.4.4

Hoogte en tarief persoonsgebonden budget Jeugd [Jeugdwet]

Onderdeel van Verordening Sociaal Domein 2021 Boxtel

1.. Het pgb: wordt vastgesteld aan de hand van een door de inwoner opgesteld plan inzake de besteding van het pgb; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede hulp, van derden te betrekken; bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst passende beschikbare maatwerkvoorziening in natura; kan door de gemeente aangepast worden door een lager pgb-tarief te hanteren voor het betrekken van diensten, en andere maatregelen van personen die behoren tot het sociaal netwerk of zzp-ers. 2.. Het pgb bedraagt: de hoogte van het pgb voor formele hulp bedraagt maximaal 100% van het tarief voor gecontracteerde jeugdhulp in natura. Het tarief is lager als op basis van het door de jeugdige en/of zijn ouders ingediende PGB-plan passende en toereikende jeugdhulp voor een lager tarief kan worden ingekocht. de hoogte van het pgb voor informele hulp is bij het bestaan van een dienstbetrekking gelijk aan het minimum uurloon, inclusief vakantiebijslag, zoals bedoeld in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag voor een persoon van 22 jaar of ouder met een 36-urige werkweek. indien de budgethouder concreet en onderbouwd kan aantonen dat in zijn situatie het pgb-tarief niet toereikend is om passende ondersteuning in te kopen, kan in uitzonderlijke gevallen aanpassing plaatsvinden, passend bij de situatie. 3.. De tarieven zoals bedoeld in lid 1 en 2 zijn vastgesteld in de nadere regels jeugdhulp 2021. 4.. De gemeente kan nadere regels stellen over de wijze waarop de hoogte van een PGB wordt vastgesteld. 5.. Jaarlijks vindt indexering van de tarieven plaats conform de indexering van de tarieven voor zorg in natura.

Rechtspraak bij dit artikel