Bij het vaststellen van het vermogen van een co-ouder houden we rekening met de vermogensgrens van een alleenstaande ouder.
Bij het vaststellen van het vermogen van een ouder die bijstand ontvangt, nemen we ook de bankrekening(-en)/vermogen van het minderjarig kind mee, als de ouder over de bankrekening van dat kind kan beschikken.
Bij een zuivere co-ouderschapregeling openen beide ouders vaak samen een speciale kindrekening waarop beiden een bijdrage storten voor de kosten van levensonderhoud (en bijvoorbeeld ook kinderbijslag). Bij deze speciale kindrekening rekenen we de helft van het bedrag als vermogen bij de ene en de andere helft van het bedrag bij de andere ouder. De andere ouder zorgt namelijk ook voor de helft in het levensonderhoud van het kind. Uit de bankafschriften moet duidelijk blijken dat het om een kindrekening gaat.
Artikel 8