Het begrip “coffeeshops” wordt in de richtlijnen gedefinieerd als “alcoholvrije horecagelegenheden waar handel in en gebruik van softdrugs plaatsvindt”.
Alleen in deze shops wordt het verkopen, afleveren, verstrekken dan wel daartoe aanwezig hebben van geringe hoeveelheden softdrugs (cannabis) gedoogd, mits wordt voldaan aan een aantal strikte voorschriften, waaronder ook de landelijk door het Openbaar Ministerie vastgestelde AHOJGI-criteria:
een affichering: dit betekent geen enkele vorm van reclame anders dan een summiere aanduiding op de betreffende lokaliteit;
een harddrugs: dit betekent dat geen harddrugs voorhanden mogen zijn en/of verkocht worden; Onder harddrugs wordt verstaan: alle middelen die vermeld zijn op lijst I bij de Opiumwet;
een overlast: onder overlast kan worden verstaan parkeeroverlast rond de coffeeshops, geluidshinder, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshops rondhangende klanten;
De coffeeshophouder is verplicht een veiligheidsplan op te stellen om overlast te voorkomen. In dit veiligheidsplan staan verschillende maatregelen om overlast te voorkomen en de openbare orde en veiligheid in en rondom de coffeeshop te waarborgen. Daarnaast wordt in het veiligheidsplan de afspraken tussen politie, gemeente en exploitant over de bedrijfsvoering vastgelegd.
een verkoop aan jeugdigen en geen toegang voor jeugdigen tot een coffeeshop: gelet op de toename van het cannabisgebruik onder jongeren is gekozen voor een strikte handhaving van de leeftijdsgrens van achttien jaar;
een verkoop van grote hoeveelheden per transactie, dat wil zeggen hoeveelheden groter dan geschikt voor eigen gebruik (= 5 gram) en geen grotere handelsvoorraad dan 500 gram aanwezig in de inrichting. Onder transactie wordt verstaan: alle koop en verkoop in één coffeeshop op eenzelfde dag met betrekking tot eenzelfde koper.
een toegang tot de coffeeshop voor anderen dan ingezetenen van Nederland van achttien jaar of ouder. Als nadere aanvulling op het hiervoor vermelde I(ngezetenen)-criterium geldt het volgende:
Onder ingezetene wordt verstaan een persoon die zijn woonadres heeft in een gemeente in Nederland;
Het ingezetenschap wordt aangetoond door middel van een geldig identiteitsbewijs.
Eveneens gelden de volgende gedoogvoorwaarden (plus-criteria):
Geen alcohol: coffeeshops mogen geen alcoholische dranken verkopen of ter verkoop aanwezig hebben
De handelsvoorraad van de coffeeshop mag niet meer dan 500 gram bedragen.
Cumulatie
Bij cumulatie van op te leggen maatregelen, bijvoorbeeld als gevolg van overtredingen van verschillende AHOJGI-plus criteria, is de zwaarst gestelde maatregel van toepassing of kan worden afgeweken van het beleid, zie afwijkingsbevoegdheid in 4.2 van het Coffeeshopbeleid.
Artikel 2.6