Naar hoofdinhoud
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: algemene reserve: vrij besteedbare reserves, waarvoor geen verplichtingen gelden op grond van wet, statuten of subsidievoorwaarden om deze aan te houden (ook wel overige reserves genoemd); AFK: Amsterdams Fonds voor de Kunst, dat binnen het kader van de Hoofdlijnen onder andere periodieke subsidies verleent aan kunstinstellingen die niet behoren tot de Amsterdam Bis; Amsterdam Bis: Amsterdamse Basis Infrastructuur bestaande uit daartoe in de Hoofdlijnen aangewezen kunstinstellingen; ASA 2013: Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013; continuïteitsreserves: reserves die tot doel hebben de continuïteit van de instelling te waarborgen, ook wel aangeduid als calamiteitenreserves; coronamaatregelen: alle maatregelen van het Rijk en de veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland gericht op het tegengaan van de verspreiding van het coronavirus zoals sluiting van theaters, afgelasten van evenementen, samenkomsten en concerten; college: college van burgemeester en wethouders van Amsterdam; culturele instelling: instelling van algemeen nut die is gevestigd in Amsterdam en op basis van statuten zijn kernactiviteiten ontleent aan één of meer kunst- en cultuurdisciplines, en artistiek-inhoudelijke (met inbegrip van cultuureducatieve) publieksactiviteiten organiseert. Gelieerde rechtspersoon: rechtspersoon waarmee de aanvrager nauwe banden onderhoudt en die een noemenswaardige invloed heeft op het resultaat en/of het functioneren van de aanvrager. Er is sprake van een noemenswaardige invloed als een rechtspersoon feitelijk beleidsbepalende invloed kan uitoefenen in een andere rechtspersoon, bijvoorbeeld door middel van het benoemen van bestuursleden. Kunstenplan: de door de gemeenteraad ter uitwerking van de Hoofdlijnen vastgestelde nota over het gemeentelijk beleid waarin een overzicht is opgenomen van de door het college te subsidiëren instellingen in de Amsterdam Bis en door het AFK te subsidiëren overige instellingen; Kunstenplaninstelling: instelling die een periodieke vierjarige subsidie ontvangt in het kader van het Amsterdamse Kunstenplan; Kunstenplansubsidie: een periodieke subsidie die op basis van de Verordening Amsterdamse culturele infrastructuur, Hoofdlijnen en Kunstenplan (Amsterdam Bis) of op basis van de subsidieregeling vierjarige subsidies AFK wordt verstrekt; noodkas: budget dat door het college is gereserveerd om steunmaatregelen uit te financieren in het kader van de coronamaatregelen; overige compensatiemaatregelen: algemene maatregelen en (coulance)regelingen van andere overheden dan het Rijk waarvan kunst- en cultuurinstellingen gebruik kunnen maken en die als doel hebben de ondersteuning in verband met gederfde inkomsten als gevolg van de uitbraak van COVID-19 en de maatregelen ter bestrijding ervan; RAOCCC: regeling aanvullende ondersteuning culturele en creatieve sector COVID-19 (tweede aanvullend steunpakket van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en aangevuld met eventuele uitbreidingen op de RAOCC hierop voor de tweede helft van 2021 vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; Rijksmaatregelen: maatregelen van het Rijk om de financiële gevolgen van de coronacrisis deels te compenseren. Dat zijn algemene economische maatregelen waar ook de cultuursector gebruik van kan maken, en maatregelen specifiek voor de cultuursector (additioneel noodpakket voor de cultuursector van het ministerie van OCW), die deels door Rijkscultuurfondsen worden uitgevoerd); steunfonds: een aan een instelling gelieerd fonds dienend om financieel steun te verlenen onder van te voren aangegeven voorwaarden; steunmaatregel: gemeentelijke steunmaatregel in verband met de coronamaatregelen voor Kunstenplaninstellingen; verlies: de som van: de gemiste inkomsten als gevolg van de coronamaatregelen de extra kosten als gevolg van de coronamaatregelen verminderd met: de extra inkomsten als gevolg van de algemene en specifieke compensatieregelingen van het Rijk als mede van door andere overheden getroffen (coulance)regelingen; de lagere uitgaven als gevolg van de coronamaatregelen en extra besparingen; de extra bijdragen van gelieerde partijen zoals een steunfonds; weerstandsvermogen: de noodzakelijke financiële buffer van een instelling voor het opvangen van calamiteiten. Het minimale weerstandsvermogen betreft een percentage, zoals bepaald in artikel 5 eerste lid onder a, b of c van de gerealiseerde baten in 2019; eigen inkomsten: het totaal van de publieksinkomsten, directe en indirecte opbrengsten en bijdragen uit private middelen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel