De gemeente kan de voorziening of de waarde daarvan van de inwoner terugvorderen. Dat kan vanaf het moment dat is vastgesteld dat er één of meer redenen voor beëindiging zijn (zie artikel 8.2.1). Wmo-voorzieningen kunnen alleen worden teruggevorderd als die voorzieningen zijn ingetrokken omdat de inwoner onjuiste of onvolledige gegevens aan de gemeente heeft verstrekt.
Als een hulp-op-maat voorziening (in natura of pgb) volledig wordt ingetrokken, heeft de terugvordering betrekking op de kosten die zijn gemaakt vanaf het moment van de toekenning van de voorziening tot aan het moment dat de voorziening is stopgezet.
Als een hulp-op-maat voorziening (in natura of pgb) gedeeltelijk wordt ingetrokken, heeft de terugvordering betrekking op de kosten die zijn gemaakt in de periode dat de inwoner ten onrechte gebruik heeft gemaakt van de voorziening.
Als het recht op een in eigendom of in bruikleen verstrekte hulp-op-maat voorziening is ingetrokken, wordt ook die voorziening teruggevorderd.
Bij zorg in natura kan de gemeente ervoor kiezen het contract met de zorgaanbieder te verbreken.
Hoofdstuk 8
Artikel 8.2.2
Terugvordering voorziening [Wmo, Burgerlijk Wetboek]
Onderdeel van Verordening Sociaal Domein Gemeente Aalten 2021