Naar hoofdinhoud
1.. Bij verstrekking van leenbijstand voor duurzame gebruiksgoederen/inrichtingskosten hanteert het college als uitgangspunt dat belanghebbende gedurende maximaal 36 maanden aaneengesloten aflost op de geldlening. Zodra gedurende 36 maanden volledig aan de aflossingsverplichtingen is voldaan, stelt het college een eventueel restant van de lening buiten invordering (als bijstand om niet verstrekt). 2.. In afwijking van het eerste lid van dit artikel stelt het college de looptijd van de aflossing vast op 60 maanden als er leenbijstand is verstrekt op grond van artikel 48 lid 2 van de Participatiewet. 3.. Wanneer de looptijd wordt onderbroken, bijvoorbeeld door niet-correcte aflossing of door een gebrek aan aflossingscapaciteit, verlengt het college de looptijd met het aantal maanden dat niet correct is afgelost. 4.. Het college legt de verplichting op dat de bijzondere bijstand die wordt verleend in afwachting van andere middelen ineens geheel wordt afgelost als de belanghebbende over deze middelen beschikt. Als de middelen niet voldoende zijn om de totale lening te voldoen, lost belanghebbende het restant volgens de artikelen 8 en 9 van deze beleidsregels af.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel