**1..** De gemeenteraad kan op voorstel van het college een dorpsgezicht aanwijzen als beschermd gemeentelijk dorpsgezicht, wanneer een groep van onroerende zaken of een landschap van algemeen belang zijn/is wegens hun/zijn schoonheid, onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang, hun/zijn wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde en zich in deze groep of in dit landschap één of meer monumenten bevinden.
**2..** Het college zendt het voorstel voor advies aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit, als bedoeld in artikel 6.11. Artikel 611 is van overeenkomstige toepassing.
**3..** Zodra de aanwijzing onherroepelijk is geworden, wordt deze opgenomen in het gemeentelijk erfgoedregister.
**4..** De gemeenteraad stelt ter bescherming van een aangewezen beschermd dorpsgezicht een bestemmingsplan vast als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening. Bij de aanwijzing van een beschermd dorpsgezicht kan daarvoor een termijn worden gesteld.
**5..** Bij de aanwijzing van een beschermd dorpsgezicht wordt bepaald of een geldend bestemmingsplan als beschermend plan in de zin van het vorige lid kunnen worden aangemerkt of dat een beheersverordening als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening moet worden vastgesteld.
**6..** Als een bestemmingsplan opnieuw moet worden vastgesteld als gevolg van artikel 3.1, tweede lid, van de Wet ruimtelijke ordening, kan de gemeenteraad in afwijking van artikel 3.1, eerste lid, van die wet, voor het desbetreffende gebied een beheersverordening als bedoeld in deze wet vaststellen.
**7..** Dit artikel is niet van toepassing op:
een door het Rijk aangewezen beschermd dorpsgezicht dat is aangewezen op grond van artikel 9.1 van de Erfgoedwet.
een door de provincie aangewezen beschermd dorpsgezicht dat is aangewezen op grond van een provinciale verordening als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Hoofdstuk 2 › § 2.1.2
Artikel 2.5