**1..** Deze verlegregeling beschrijft de kosten die de gemeente, ter uitvoering van artikel 21 lid 2a van de verordening Werken in de Openbare Ruimte, aan de kabel- en leidingbeheerder vergoedt voor het uitvoeren van gedwongen verleggingen, waaronder wordt verstaan het nemen van maatregelen, zoals het verplaatsen van kabel- en leidinginfrastructuur, die nodig zijn voor het uitvoeren van gemeentewerken.
**2..** Deze verlegregeling geldt voor alle kabel- en leidinginfrastructuur in de openbare ruimte in de gemeente Amsterdam met uitzondering van
gemeentelijke riolering en toebehoren zoals putten en kolken, deze vallen onder de definitie van gemeentewerk. Verplaatsing hiervan komt voor rekening van de veroorzaker;
kabel- en leidinginfrastructuur waarvoor een specifieke wettelijke regeling, zoals de Telecommunicatiewet, voorziet in een kostenregeling voor het verleggen hiervan;
kabel- en leidinginfrastructuur waarvoor een nog niet beëindigde overeenkomst tussen de kabel- of leidingbeheerder en de gemeente voorziet in een kostenregeling voor het verleggen hiervan.
**3..** Onder kabel- en leidinginfrastructuur wordt verstaan de definitie als opgenomen in de WIOR artikel 1 onder g.
**4..** Deze verlegregeling maakt voor wat betreft ondergrondse kabels en leidingen een onderscheid in kabels en leidingen met een distributiefunctie en een transportfunctie.
**5..** Distributiekabels en –leidingen zijn kabels en leidingen die geen transportfunctie hebben.
** 6. .** Transportkabels en –leidingen zijn kabels en leidingen bestemd voor het transport tussen opwekkingsbronnen/productie-eenheden onderling en van opwekkingsbron/productie-eenheid naar wijkniveau (bijvoorbeeld wijkcentrale, onderstation), waarop niet rechtstreeks huisaansluitingen zijn aangesloten. Voor de volgende soorten kabels en leidingen is specifiek vastgesteld wat als transportkabel of –leiding wordt gedefinieerd:
soort kabel of leiding
definitie transportfunctie
elektriciteitskabels
kabels met een nominale spanning van 50 kV en hoger
gasleidingen
leidingen met een nominale druk van 1 bar en hoger
waterleidingen
leidingen met een nominale diameter van 300 mm en groter
warmte- en koudeleidingen
leidingen met een nominale diameter van 300 mm en groter
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.5.
Artikel 4.5.1.