Naar hoofdinhoud
Het college kan een vergunning of instemmingsbesluit intrekken als: blijkt dat bij de aanmelding en aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit op de aanmelding en aanvraag om de vergunning of instemming zou hebben geleid; niet of niet langer wordt voldaan aan de uitvoeringsvoorschriften gesteld krachtens artikel 6 van deze verordening; de aanmelding, vergunningverlening of de verlening van het instemmingbesluit onjuist was en de vergunninghouder of de houder van het instemmingsbesluit dit wist of behoorde te weten; zich een wijziging voordoet in de omstandigheden voor zover die gewijzigde omstandigheden zich verzetten tegen instandlating van de vergunning of het instemmingsbesluit; er in strijd wordt gehandeld met de aan de vergunning of het instemmingbesluit verbonden voorschriften; een kabel- en leidingnetwerk, met uitzondering van openbaar elektronisch communicatienetwerken, niet langer de stoffen, goederen vervoert waarvoor de vergunning of instemming is verleend; een kabel- en leidingnetwerk behorend bij een openbaar elektronisch communicatienetwerk voor een aaneengesloten periode van tien jaar geen deel meer uitmaakt van het openbaar elektronisch communicatienetwerk en de gemeente een redelijk verzoek tot het opruimen van het netwerk aan de aanbieder van het netwerk heeft gedaan en waarmee de gedoogplicht vervalt; het kabel- en leidingnetwerk wordt geruimd.

Rechtspraak bij dit artikel