Naar hoofdinhoud
1.. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten die voortvloeien uit het Uitvoeringsprogramma. 2.. De activiteiten vinden plaats in de vorm van een project of ondersteuning van een project welke passend is conform het vigerende provinciale beleid en regels, dat gericht is op het bevorderen en versnellen van de woningbouwproductie en het voorkomen van stagnatie van de woningbouwproductie, zoals is omgeschreven inde Omgevingsvisie, het Kader en het Uitvoeringsprogramma. 3.. De in het eerste lid bedoelde activiteiten dragen in ieder geval bij aan de hoofddoelstelling van het Uitvoeringsprogramma en aan één van de doelstellingen van de vier programmalijnen, te weten versnelling woningbouw, versterken betaalbaar segment, bestaande voorraad en kennisbank. 4.. Om voor een subsidie in aanmerking te komen: moet er sprake zijn van additionaliteit van de aangevraagde subsidie; brengt de aanvrager hiervoor cofinanciering in; en het project heeft een ondergrens van 50 zelfstandige woningen, danwel maakt onderdeel van meerdere projecten (van dezelfde aanvrager) in de gemeente die opgeteld minimaal tot 50 zelfstandige woningen optellen en eenzelfde ondersteuning vragen. 5.. Bij de beoordeling van een aanvraag voor een lening of garantstelling worden de criteria uit het Nota uitvoeringsrichtlijnen financieringsbeleid nota financieringsbeleid gehanteerd, zoals opgenomen in bijlage I van deze uitvoeringsverordening. Een integrale risicoanalyse kan onderdeel vormen van de beoordeling. Deze risicoanalyse kan de dekking van het financieel instrument bepalen. Dit is afhankelijk van mogelijke risico’s van een project. 6.. Bij de beoordeling van het project worden onderstaande aspecten meegewogen, afhankelijk van de kenmerken van het project en de fase waarin het zich bevindt moet er aan één of meerdere criteria worden voldaan: hoge mate van effectiviteit; hoge mate van haalbaarheid; innovatief van aard en heeft voldoende potentie om tot een grote uitrol te leiden; de mate van vertegenwoordiging vanuit verschillende partijen in het project, zoals gemeenten, inwoners, onderwijsinstellingen, maatschappelijke organisaties, bedrijven of andere overheden; uit het project blijkt de intentie om voor 50% in het betaalbaar segment te bouwen, danwel draagt bij aan het binnen het Kader vastgestelde doel om in de regio voor 50% in het betaalbaar segment te bouwen. uit het project blijkt de intentie dat het bijdraagt aan de provinciale ambities op het gebied van energieneutraliteit, klimaatbestendigheid en circulaire nieuwbouw.

Rechtspraak bij dit artikel