De aandachtsgebieden zijn dezelfde als bij huishoudelijke ondersteuning in een stabiele situatie, maar dan aangevuld met:
Organisatie van het huishouden
Ondersteuning bij het organiseren van huishoudelijke taken wordt ingezet wanneer de cliënt niet tot zelfregie en planning van de werkzaamheden in staat is. Behalve dat er huishoudelijke taken moeten worden overgenomen heeft de hulp aansturende en regietaken. Daarbij geldt voor de hulp een extra verantwoordelijkheid bij het signaleren van ongewenste situaties of toenemende kwetsbaarheid bij de cliënt. Het overnemen van de regie over het huishouden kan noodzakelijk zijn als in redelijkheid niet meer van de cliënt verwacht kan worden dat hij zelfstandig beslissingen neemt (bijv. een terminale situatie) of als disfunctioneren dreigt. Dat kan zich uiten in vervuiling (van de woning of van kleding), verwaarlozing (eten en drinken) of ontreddering van zichzelf of van afhankelijke huisgenoten waardoor het functioneren in huis maar ook buitenshuis belemmerd wordt.
Daarnaast kan het voorkomen dat de hulp de zelfredzaamheid van de cliënt met betrekking tot het organiseren van het voeren van de huishouding aanleert of verbetert. De bedoeling is dan dat de cliënt (weer) leert hoe en wanneer je huishoudelijke activiteiten uitvoert en leert plannen en beheren van middelen in relatie tot huishoudelijke activiteiten. Hierbij hoort ook het stimuleren tot het doen van huishoudelijke taken evenals de observatie en controle van de uitvoering van huishoudelijke taken door de cliënt zelf.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.4.3.2
Gestructureerd huishouden in een kwetsbare situatie (HO+)
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning