Het college informeert de raad door middel van een voor- en najaarsrapportage over de realisatie van het in de begroting vastgestelde beleid en beschikbaar gestelde middelen over de eerste vier maanden en de eerste acht maanden van het lopende boekjaar. Deze rapportages worden ter kennisname aan de raad aangeboden.
De voor- en najaarsrapportage bevatten per programma een uiteenzetting over de uitvoering van het beleid en er wordt gerapporteerd over:
de realisatie van de beleidsindicatoren;
de voortgang van de onderwerpen op de termijn agenda;
de afwijkingen in baten en lasten per programma;
de afwijkingen in baten en lasten van investeringskredieten.
Daarnaast wordt in de tussenrapportages een prognose gegeven voor het rekeningresultaat en worden de ontwikkelingen weergegeven van de in de begroting benoemde risico’s.
In de voor- en najaarsrapportage worden verwachte afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten per programma groter dan € 100.000 van de raming toegelicht en verwachte afwijkingen op de oorspronkelijke ramingen van de baten en lasten van investeringskredieten groter dan 10% toegelicht. Dit laatste met een minimumbedrag van € 50.000.
Projecten waarvan de (begrotings)omvang tenminste € 1.000.000 bedraagt worden in de rapportages telkens apart benoemd en toegelicht.
Hoofdstuk 2.
Artikel 7.
Tussentijdse rapportage
Onderdeel van Financiële verordening De Fryske Marren 2021