5.3.1.Verhuizing van een kindercentrum of voorziening voor gastouderopvang
Wanneer een kindercentrum of voorziening voor gastouderopvang verhuist moet dit in behandeling worden genomen als zijnde een nieuwe aanvraag.
Bij de gemeente wordt ingediend:
Voor de oude kinderopvangvoorziening een wijzigingsverzoek tot intrekken toestemming exploitatie (uitschrijving). Hierbij moet de aanvrager op het wijzigingsformulier vermelden dat het een verhuizing betreft.
Voor de nieuwe kinderopvangvoorziening een aanvraag tot exploitatie (inschrijving).
5.3.2.Verhuizing van een gastouderbureau
Wanneer een gastouderbureau (GOB) verhuist, geldt een andere procedure. Wettelijk is vastgelegd dat een GOB geen nieuwe aanvraag tot exploitatie hoeft in te dienen wanneer het adres van een GOB wijzigt.
Bij de gemeente wordt ingediend:
Een wijzigingsverzoek tot wijziging van het vestigingsadres
Indien de verhuizing naar een andere gemeente is, moet het wijzigingsverzoek gestuurd worden naar de huidige gemeente van vestiging. De huidige gemeente (de gemeente die nu als verantwoordelijke gemeente staat geregistreerd) moet de verantwoordelijke gemeente wijzigen in de nieuwe gemeente. Daarna stuurt de huidige gemeente het wijzigingsverzoek door naar de nieuwe gemeente. De nieuwe gemeente neemt het wijzigingsverzoek verder in behandeling en zal een besluit moeten nemen op de aangevraagde adreswijziging. Voordat de gemeente een besluit neemt over de adreswijziging kan zij de GGD vragen een onderzoek bij het gastouderbureau uit te voeren.
Hoofdstuk 3.
Artikel 5.3.