De Wmo 2015 bepaalt dat inwoners, die zelf dan wel samen met inwoners in hun naaste omgeving (tijdelijk) onvoldoende zelfredzaam zijn of onvoldoende in staat zijn om deel te nemen aan het maatschappelijk verkeer, een beroep kunnen doen op ondersteuning die door de overheid wordt gefinancierd. In dit hoofdstuk wordt de procedure beschreven die cliënten van de gemeente Vlieland doorlopen om tot een oplossing van hun ondersteuningsvraag te komen. Hiermee wordt een uniforme werkwijze vastgelegd en weet de cliënt wat hij kan verwachten. Tevens wordt zo rechtsongelijkheid en willekeur voorkomen. Dat is van groot belang, omdat elke situatie anders is en de ondersteuning wordt afgestemd op de persoonlijke situatie van de cliënt met een ondersteuningsvraag. Maatwerk staat voorop. Zo kunnen inwoners met vergelijkbare ondersteuningsvragen uiteindelijk toch verschillende vormen van ondersteuning ontvangen. Juist daarom is het van belang dat de procedure op uniforme manier wordt doorlopen en iedereen op gelijke wijze wordt behandeld.
Melding en onderzoek:
De fase van de melding bestaat uit de volgende onderdelen:
Melding hulpvraag
Intake
Onderzoek (optioneel)
Het verslag
Plan van aanpak
Advies en aanvraag maatwerkvoorziening
De maximale termijn voor de meldingsprocedure is zes weken. Mocht omwille van de zorgvuldigheid, bijvoorbeeld omdat informatie bij derden moet worden opgevraagd of omdat er sprake is van een complexe hulpvraag, de termijn van zes weken niet gehaald worden, dan wordt hierover gecommuniceerd met de cliënt en kan deze termijn worden verlengd.
Besluitvorming:
het nemen van het besluit
het opstellen en verzenden van de beschikking
De besluitvormingsfase heeft een maximale termijn van twee weken. Deze termijn kan bij uitzondering worden verlengd. Hiervoor moet een goede reden zijn en de cliënt moet hierover worden geïnformeerd. Dit vloeit voort uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Hoofdstuk 2
Artikel 2.1
Inleiding
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Vlieland 2021