Deze criteria Glastuinbouw zijn op grond van het bestemmingsplan slechts van toepassing op de glastuinbouwconcentratiegebieden.
Altijd-goed-kader:
Het plan voldoet aan de volgende criteria:
De kas past binnen de bouwregels van het bestemmingsplan
Het hoofdgebouw is geen monument
Materialen en kleuren sluiten aan bij de reeds bestaande bedrijfsbebouwing. In geval van nieuwbouw is de kleur midden tot donkergrijs toegestaan.
De gootlijn is gelijk of maximaal 20% hoger als die van de bestaande bedrijfsbebouwing (kassen)
De kassen hebben een kap met dezelfde dakhelling als die van de reeds bestaande kassen. De massavorm van de bedrijfsbebouwing(loodsen) zijn daar ook op afgestemd
Het profiel van de nieuwe kas is gelijk aan of maximaal 20% breder als die van de bestaande bedrijfsbebouwing
Beplatingen voor de wanden en het dak van de bedrijfsloodsen zijn geprofileerde beplating. Bij twijfel wordt een monster van de beplating aan de welstandscommissie voorgelegd. Wand- en dakbeplating van bedrijfsloodsen hebben in het algemeen bij kassen de zelfde kleurstelling.
Veel aandacht dient besteed te worden aan de inpassing in de omgeving. In geval een woning aanwezig is, dienen de kassen ruim achter de hoofdbebouwing (woning) gesitueerd te worden.
Afwegingskader:
Plaatsing/situering:
De plaatsing is logisch i.v.m. het gebruik en speelt in op de situering van reeds gerealiseerde bedrijfsbebouwing.
De plaatsing belemmert het vrije uitzicht op waardevolle objecten in de omgeving niet.
Handhaven van doorzichten langs de slotenpatronen etc.
De bebouwing op het bedrijfsperceel dient bij voorkeur compact te blijven om te grote uitwaaiering te voorkomen.
Bij de situering van het kassencomplex dient voldoende afstand gehouden te worden tot de perceelsgrenzen om landschappelijk en functioneel aangepaste erfbeplanting mogelijk te maken.
Het omgeven van het erf met inheemse en bij het landschap passende beplanting is zeer gewenst. Hoge beplanting in de buurt van de kassen is niet noodzakelijk. Voor een effectieve afscherming is 4 meter hoogte meestal voldoende.
Situering van de bedrijfsgebouwen achter het woongedeelte, zodat er sprake is van een woon- en een bedrijfszone.
Het bouwplan moet passen in de omgeving waarbij bestaande ‘’groene’’ kwaliteiten (zoals bos- en houtopstanden, laanbeplantingen e.d.) worden gerespecteerd.
De plaatsing past in de kenmerkende bebouwingsstructuur van de omgeving.
Maat en schaal:
Maat wordt slechts beperkt door de bestemmingsplanmogelijkheden. Schaal wordt bij kassen gemaakt door het ritme van de kapjes en (bij glazen kassen) het ritme van de aluminiumprofielen. Daaraan kunnen geen nadere eisen worden gesteld. Bij het toepassen van gevelbekleding verdient het de voorkeur de kappenstructuur herkenbaar te houden.
Materiaaltoepassing:
Profielen uitvoeren in een bij het materiaal passende kleur als wit en grijs. Contrasterende en felle kleuren zijn niet toegestaan.
Toepassen van doorzichtig glas. Geen reflecterend of gespiegeld glas
Hoofdstuk › Paragraaf 7.
Artikel 7.5.
TUINBOUWKASSEN
Onderdeel van Welstandsbeleid Gemeente Asten 2015