Het Hoogheemraadschap en de gemeente hanteren dezelfde werkwijze voor het maaien van waterplanten. In principe worden alle watergangen twee keer per jaar gemaaid. Doel hiervan is doorstroming van water te bevorderen.
1e maaironde: medio juni. In deze maaironde worden alle sloten van de gemeente gemaaid (ook de de vaarroutes). De bedoeling is om de sloot vrij te houden van belemmeringen voor de doorstroming. Tijdens deze maaironde wordt ongeveer 70% van de waterplanten verwijderd. De resterende 30% blijft staan i.v.m. de biodiversiteit.
2e maaironde: medio september/oktober, ongeveer 6 weken voor de najaarsschouw. De bedoeling van deze schouw is dat de sloten en vaarten schoon de winter ingaan. Omdat er vanaf oktober weinig wordt gevaren, is deze maaironde van mindere betekenis voor de vaarroutes.
Tussen de eerste en tweede maaironde zit een periode van drie maanden (juli t/m september), waarin de waterplanten ongestoord groeien. Juist met hoge temperaturen en voldoende water kunnen waterplanten gaan woekeren. Deze periode is ook juist de periode waarin de meeste mensen gaan varen, en dus overlast van waterplanten kunnen ervaren.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1