Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1.1.

Preventie en voorlichting

Onderdeel van Uitvoeringsnota Drugsbeleid 2021 Gemeente Oude IJsselstreek

Het resultaat dat nagestreefd wordt, is een afname van drugsgebruik. Hierbij ligt de focus op de experimentele groep. Dit is de groep (met jongeren) die aan het experimenteren is met (soft)drugs en die nog aan het begin van het gebruik staan. Met de juiste voorlichting kan gezorgd worden dat zij afzien van het gebruik van drugs en daarmee kan voorkomen worden dat zij vaste gebruikers worden. Om de doelstellingen van het drugsbeleid te bereiken, is het stellen van regels alleen niet voldoende. Ook de zorg voor goede voorlichting is in het kader van preventie van essentieel belang. Het geven van algemene voorlichting over drugs, het gebruik ervan en de gezondheidsrisico’s op korte en lange termijn is primair een taak van de overheid. De overheid laat zich daarbij ondersteunen door ketenpartners. Op dit gebied wordt een breed scala aan diensten en producten aangeboden. Hieronder wordt weergegeven op welke wijze de gemeente uitvoering geeft aan preventie. Voorlichting (inclusief materiaal) over risico's (soft)drugsgebruik Veelvuldig of intensief gebruik van softdrugs brengt onder andere gevaren met zich mee op het vlak van het psychosociaal functioneren. Hierom dient een eigenaar en/of leidinggevende van een coffeeshop (potentiële) gebruikers op de hoogte te stellen van de gevaren van softdrugsgebruik. Daarnaast dient deze tevens deugdelijk schriftelijk voorlichtingsmateriaal zichtbaar in de inrichting aanwezig en beschikbaar te hebben. Op het onderwijs moet in de basis aandacht zijn voor voorlichting over drugs (en alcohol). Bij de voorlichting van jongeren in het onderwijs dienen ook de ouders betrokken te worden. Jongeren worden bewust gemaakt en bij ouders wordt de rol die zij kunnen spelen naar voren gebracht. Voorlichting begint zo vroeg mogelijk. Er is algemene voorlichting op scholen mogelijk. In het verlengde van de algemene voorlichting zijn er ook voorlichtingsprogramma’s voor scholen op maat. Hierbij kunnen scholen zelf kiezen in welke richting of op welk gebied de voorlichting zich specifiek moet richten. Samenwerking met Bureau Halt In samenwerking met Bureau Halt kunnen jongeren die zijn betrapt op drugsgebruik of -bezit worden doorgestuurd voor een Halt-traject. Tijdens zo’n traject wordt er samen met de ouders naar een oplossing gezocht. Door jongeren vroegtijdig te confronteren met de gevolgen en gevaren van (alcohol- en) drugsgebruik, worden zij ontmoedigd om verslavende middelen te gebruiken. Door de ouders te betrekken en een ondersteunende rol te bieden, wordt er gebouwd aan een vangnet voor wanneer iets mis dreigt te gaan. Halt-verwijzingsbevoegdheid voor boa’s en politie Boa’s (bijzondere opsporingsambtenaren) en politie kunnen met toestemming van het OM jongeren aanhouden en doorverwijzen naar Halt. Het gaat hierbij om jongeren tussen de 12 en 18 jaar die het feit hebben bekend. Bij jongeren van 16- moeten de ouders ook instemmen met de Haltverwijzing. Ouders van jongeren ouder dan 16 jaar worden door Halt schriftelijk op de hoogte gesteld van de Halt-straf. Acties op scholen Als er drugsoverlast of drugsproblematiek geconstateerd wordt op een school, dan heeft de school de regie. De politie en gemeente kunnen hier bij aansluiten. De politie kan dan bijvoorbeeld kluiscontroles uitvoeren. In samenwerking met school is het dan goed hier tevens voorlichting op school aan te koppelen.

Rechtspraak bij dit artikel