In verband met het sterk heterogene karakter van de bodemkwaliteit in de zones 'B1./O1. Wonen voor 1950 I’ en 'B4./O4. Industrie voor 1950' moet voorafgaand aan de toepassing van de grond uit deze bodemkwaliteitszones, de lokale bodemkwaliteit zijn vastgesteld om te voorkomen dat grond met gehalten boven de Lokale Maximale Waarden of zelfs boven de interventiewaarde wordt toegepast. Voor meer gedetailleerde informatie hierover wordt verwezen naar § 8.2.1. Ter plaatse van locaties die niet verdacht zijn voor PFAS-verbindingen hoeft geen onderzoek naar PFAS-verbindingen plaats te vinden. Hiervoor kan het historisch onderzoek van het uit te voeren onderzoek tezamen met de ontgravingskaart worden gebruikt als bewijsmiddel voor de PFAS-kwaliteit van de grond.
Bij toepassing van grond vanuit deze bodemkwaliteitszones moet voorafgaand de kwaliteit worden vastgesteld met onderzoek
(zie § 8.2.1).
Hoofdstuk 5
Artikel 5.4
Toepassen grond vanuit bodemkwaliteitszones ‘B1./O1. Wonen voor 1950 I’, ‘B4./O4. Industrie voor 1950’
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente West Betuwe houdende regels omtrent het bodembeheer