Cliënt is verplicht om op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling te doen van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze van invloed kunnen zijn op de te verstrekken voorziening dan wel verstrekte voorziening.
Het college is bevoegd een beslissing te herzien of in te trekken als vastgesteld wordt dat;
de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste ofvolledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid;
de cliënt niet langer op de maatwerkvoorziening of het pgb is aangewezen;
de maatwerkvoorziening of het pgb niet meer toereikend is te achten óf op een lager niveau vastgesteld dient te worden;
de cliënt niet voldoet aan de aan de maatwerkvoorziening of de aan de pgb verbonden voorwaarden, of;
de cliënt de maatwerkvoorziening of het pgb niet of voor een ander doel gebruikt.
Een beslissing tot verlening van een pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen 6 maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden.
Als het college een beslissing op grond van het tweede lid sub a van dit artikel heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens door de cliënt opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van de cliënt en degene die daaraan opzettelijk zijn medewerking heeft verleend, geheel of gedeeltelijk de geldwaarde vorderen van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening of het ten onrechte genoten pgb.
Ingeval het recht op een in eigendom of in bruikleen verstrekte voorziening is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd.
Artikel 13
Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering
Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE SÚDWEST-FRYSLÂN 2018