Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet.
Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de cliënt voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was.
De hoogte van een pgb:
wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgbgaat besteden;
wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en;
bedraagt niet meer dan de kostprijs van de goedkoopst adequate door de gemeente gecontracteerde beschikbare maatwerkvoorziening in natura.
De hoogte van een pgb wordt als volgt vastgesteld:
De hoogte van een pgb voor huishoudelijke hulp:1°. bedraagt bij formele hulp 75% van het uurtarief HH1 of HH2 voor huishoudelijke hulp in natura;2°. Bedraagt bij informele hulp 50% van het uurtarief HH1 of HH2 voor huishoudelijke hulp in natura.
De hoogte van een pgb voor individuele begeleiding:1°. Bedraagt bij formele hulp 75% van het uurtarief voor begeleiding in natura;2°. Bedraagt bij informele hulp 50% van het uurtarief voor begeleiding in natura, met een maximum van € 20,00 per uur.
De hoogte van een pgb voor specialistische individuele begeleiding:1°. Bedraagt bij formele hulp 75% van het uurtarief voor begeleiding in natura;2°. Bedraagt bij informele hulp 50% van het uurtarief voor begeleiding in natura.
De hoogte van een pgb voor zowel dagbesteding Basis als dagbesteding Plus bedraagt 75% van het tarief voor de zorg in natura.
De hoogte van een pgb voor kortdurende verbijf- of respijtzorg bedraagt 75% van het tarief voor de zorg in natura.
De hoogte van een pgb voor (rolstoel-) vervoer van en naar de dagbesteding bedraagt maximaal het bedrag dat voor zorg in natura voor (rolstoel-)vervoer wordt verstrekt.
Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt, kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk als:
deze persoon hiervoor een tarief hanteert dat 50% bedraagt van het toepasselijke tarief peruur of resultaat dat hiervoor zou worden gehanteerd door een door de gemeente gecontracteerde aanbieder, en;
tussenpersonen of belangenbehartigers niet uit het pgb worden betaald.
Een pgb dient door de cliënt binnen 6 maanden na toekenning te worden aangewend ten behoeve van het resultaat/doel waarvoor het is verstrekt.
Het college kan vanuit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg steekproefsgewijs onderzoek doen naar de bestedingen van pgb’s.
Artikel 5
Regels voor persoonsgebonden budget
Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE SÚDWEST-FRYSLÂN 2018