Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en pgb’s

Onderdeel van VERORDENING MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE SÚDWEST-FRYSLÂN 2018

Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang een cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt. De bijdrage, dan wel het totaal van bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Besluit een lagere bijdrage is verschuldigd. In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor een aantal uitzonderingen; Deze zijn terug te vinden in het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. De bedragen en percentages die gelden voor een bijdrage in de kosten zijn gelijk aan de bedragen en percentages opgenomen in het Besluit. De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of pgb zijn gelijk aan het bedrag genoemd in de artikel 2.1.4a, derde lid, van de wet en niet hoger dan de kostprijs, tenzij overeenkomstig artikel 2.1.4a, vijfde lid, van de wet of hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. De kostprijs van een: maatwerkvoorziening in natura wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in demarkt of na overleg met de aanbieder; pgb is gelijk aan het verstrekte bedrag. De bijdragen als bedoeld in artikel 2.1.4b., eerste lid, van de wet, worden voor een maatwerkvoorziening of pgb door het CAK vastgesteld en geïnd. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel