Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.1

Artikel 13b Opiumwet (Wet Damocles)

Onderdeel van Drugsbeleid gemeente Tynaarlo 2021

Met de Wet Damocles heeft de burgemeester de bevoegdheid gekregen om een last onder bestuursdwang op te leggen indien middelen als bedoeld in de artikelen 2 (harddrugs) en 3 (softdrugs) van de Opiumwet in, voor het publiek toegankelijke lokalen en daarbij behorende erven, worden geteeld, bereid, bewerkt, verwerkt, verkocht, afgeleverd, verstrekt of vervoerd dan wel daartoe aanwezig zijn. Een last onder bestuursdwang is een zogenaamde herstelsanctie. Een herstelsanctie is geen boete of straf, maar een maatregel die gericht is op het beëindigen van een overtreding en het herstellen van de rechtmatige situatie. De volledige tekst van artikel 13b van de Opiumwet luidt: De burgemeester is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang indien in een woning of lokaal of op een daarbij behorend erf: een middel als bedoeld in lijst I of II dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid, wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is; een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onder 3°, of artikel 11a voorhanden is. Het eerste lid is niet van toepassing indien woningen, lokalen of erven als bedoeld in het eerste lid, gebruikt worden ter uitoefening van de artsenijbereidkunst, de geneeskunst, de tandheelkunst of de diergeneeskunde door onderscheidenlijk apothekers, artsen, tandartsen of dierenartsen. De Opiumwet richt zich primair op de preventie en beheersing van de uit drugsgebruik voortvloeiende risico’s voor de gezondheid. De uitbreiding van de Opiumwet met artikel 13b is gericht op de beheersing van de effecten van de handel in en het gebruik van drugs op het openbare leven en andere lokale omstandigheden. Artikel 13b is de bestuursrechtelijke component van een wet uit het strafrecht. Het biedt de burgemeester de mogelijkheid verschillende instrumenten van bestuursdwang toe te passen (waaronder het opleggen van een dwangsom of uiteindelijk sluiten van een pand). De bestuursdwangbevoegdheid van de burgemeester is een discretionaire bevoegdheid. De toepassing van bestuursdwang kan zeer ingrijpende gevolgen hebben voor de betrokkenen, met name bij bewoners van een woning. Gebruikmaken van bestuursdwang wordt in beginsel pas toelaatbaar geacht wanneer: Er sprake is van een verboden situatie en/of een overtreding van een wettelijk voorschrift; Én het belang van daadwerkelijk optreden zorgvuldig wordt gemotiveerd; Én de op te leggen maatregel in redelijke verhouding staat met de overtreding (er is voldaan aan proportionaliteit en subsidiariteit). In beginsel dient de meest effectieve en minst kostbare maatregel te worden gekozen. De burgemeester is op grond van de Wet Damocles bevoegd een last onder bestuursdwang op te leggen, indien sprake is van een overtreding van de Opiumwet. Tot 1 november 2007 was deze bevoegdheid slechts toepasbaar op voor publiek toegankelijke lokalen en daarbij behorende erven. Inmiddels kan de burgemeester deze bestuursdwang ook toepassen op woningen, of daarbij behorende erven. Het begrip woningen omvat ook andere vormen van wonen, zoals woonwagens, woonschepen, recreatiewoningen en woonketen. Sinds 1 januari 2019 is de sluitingsbevoegdheid van de burgemeester in artikel 13b Opiumwet verruimd met voorbereidingshandelingen. Bij de verruiming gaat het om voorbereidingshandelingen en stoffen die strafbaar zijn op grond van artikel 10a lid 1 onder 3° en 11a van de Opiumwet. Die bepalingen vereisen dat degene die het voorwerp of de stof in de woning of het lokaal of op het erf voorhanden heeft, weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat het voorwerp of de stof bestemd is voor het onder meer bereiden, bewerken of vervaardigen van harddrugs of bedrijfsmatige hennepteelt. Artikel 13b Opiumwet wordt tevens gebruikt ten behoeve van handhaving van het coffeeshopbeleid van de gemeente Tynaarlo.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel