Naar hoofdinhoud
1.. Het grafrecht vervalt: door het verlopen van de termijn waarvoor het recht is verleend; indien de rechthebbende afstand doet van het recht; indien de begraafplaats wordt opgeheven. 2.. Het college kan de grafrechten vervallen verklaren: indien de betaling van de rechten ten behoeve van de vestiging of een verlenging van het grafrecht - ondanks een aanmaning - niet binnen drie maanden na aanvang van die termijn is geschied; indien de rechthebbende - ondanks een aanmaning - in verzuim blijft een op grond van deze verordening op hem rustende verplichting na te komen of daarmee in strijd handelt; indien de rechthebbende van een particulier graf is overleden en het recht niet binnen de in artikel 17 lid 3, (Overschrijving van verleende rechten en gebruiken) gestelde termijn is overgeschreven;. indien de rechthebbende - ondanks een aanmaning - niet binnen een jaar overgaat tot herstel van een graf dat in verval is, tenzij artikel 84a van de Wet op de lijkbezorging van toepassing is. 3.. Onder in verval zijnde graven wordt verstaan: breuk van het monument; een verzakking van het monument van meer dan 10 cm; het onleesbaar afgesleten zijn van teksten; beplanting buiten de toegestane afmetingen (groeiend boven de toegestane hoogte en buiten de grafafmeting); omgevallen monumenten, dan wel monumenten die (deels) beschadigd zijn geraakt; graven die een risico vormen voor de veiligheid van medewerkers en bezoekers van de begraafplaatsen (ondeugdelijke constructies volgens huidige richtlijnen). 4.. In de gevallen als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c en in het tweede lid vindt geen terugbetaling plaats van (een deel van) de betaalde rechten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel